The White Wife of Otterswick op het eiland Yell bij Shetland

Copyright: RichardBooth

Aan de oost kant van het Shetlandse eiland Yell, op de Ness of Queyon bij Otterswick ziet u iets heel bijzonders: een wit standbeeld van een dame die uitkijkt over de baai naar de zee. Ze houdt een bijbel tegen haar borst geklemd.  Het is niet alleen een mooie plek vanwege dit beeld, maar je ziet er ook vaak zeehonden en soms otters en bruinvissen.

Het verhaal over het standbeeld, dat bekend is onder de naam The White Wife of Da Wooden Wife, is verdrietig. Het is het gereconstrueerde boegbeeld van de Bohus, een Duitse zeilboot, waar de praktijklessen voor cadetten, wat zeilen betreft plaatsvonden.
Het schip zonk hier met een bemanning van 39 jonge cadetten en 4 stierven er.

Copyright: RichardBooth

Bohus was een zeilboot met 3 masten, dat oorspronkelijk Bertha heette en in 1892 gebouwd werd in het Schotse Grangemount. Het schip werd heel wat keren verkocht en ze kwam aan haar naam Bohus toen ze in 1917 aan een Zweeds bedrijf verkocht werd. Uiteindelijk werd zij in 1924 door een Duitse rederij gekocht en in gebruik genomen als opleidingsschip.

Op 23 april 1924 vertrok het schip op haar laatste reis van Göteborg naar Taltal in Chili. De schipper maakte een fatale navigatie fout waardoor zij 60 mijl uit koers raakte. Ze kwam midden in een verschrikkelijke storm ter hoogte van Otterswick op Yell en liep op een rots en binnen een half uur was ze doormidden gebroken.

Diegenen die konden zwemmen worstelden zich naar de kust. Degenen, die dat niet konden bleven aan boord en hoopten gered te worden. Er stond een grote menigte mensen op het strand maar ze konden de bemanning niet helpen tot ze een lijn aan boord konden krijgen. Twee mannen Willie Thomson en Tom Eberth onderscheidden zich en redden 4 bemanningsleden, maar Tom moest zijn reddingsactie met de dood bekopen.

De 4 doden werden op het kerkhof in Mid Yell begraven en er is een groot blok zwart marmer op een steen ter herinnering aan hen geplaatst.
Ongeveer een half jaar later spoelde het boegbeeld aan land niet al te ver van het scheepswrak. Het was nog in hele goede conditie en miste slechts 1 arm. Het werd geplaatst op de kust boven de plek van het wrak.
De inwoners van East Yell zorgen er voor dat het steeds goed in de witte verf zit en sindsdien wordt zij The White Wife genoemd en door de inwoners Da Wooden Wife.

Copyright: RichardBooth

In 1986, nadat het beeld jarenlang het barre weer getrotseerd had, werd het helemaal gerestaureerd en in 1989 werd het tijdens een ceremonie onthuld.

Er zijn nog overblijfselen van de Bohus te zien op een diepte tussen 10 – 15 meter. (houten masten, koperen onderdelen, de ijzeren ribben, etc.)

Het is de moeite waard om op deze bijzondere plek te gaan kijken. De route er naartoe is bewegwijzerd en het laatste stukje loopt u over een voetpad tot u bij het beeld vlak bij de rand van de klif bent.

Copyright: RichardBooth

De foto’s zijn allemaal van Richard Booth van de Tyneside 114 British Sub Aqua Club, die daar in 2008 veel gedoken heeft.

De scheepsbel, het naamplaatje en ronde raamopeningen zijn te bezichtigen in het Shetland Museum in Lerwick en in Old Haa Museum in Burravoe op Yell.

Dit is een  vrije vertaling van een  artikel  in een bericht van North Link Ferries. h

Geplaatst in Achtergrond verhalen, Bijzondere plekken, Reizen Schotland, Schotland, Tips | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Wandeling op Calton Hill in Edinburgh

Traditioneel is Calton Hill met zijn talloze monumenten en gebouwen een geliefde recreatieplek voor de inwoners van Edinburgh en populair als uitkijkpunt over de stad. Het is heerlijk om even op een rustige plek te lopen en ook ’s avonds bij zonsondergang is het schitterend.

Terrein: Wegen met stoep, bestrate en onbestrate paden en een lange trap.

Start:  Waverley Steps uitgang vanaf Waverley Rail Station.
Coördinaten: 55.953259, -3.190109.  Afstand: 1.75 km. Tijdsduur: 1 – 1.5 uur. Stijging: 69 m.

Vanaf Waverley Station gaat u rechtsaf op Waverley Bridge om op Princes Street uit te komen of neem de uitgang Princes Street. Als u lopend of met de bus gaat, begint u de wandeling naast Waverley Station aan het oosteinde van Princes Street, tussen East Princes Street Gardens en het imposante Balmoral Hotel. Dit is met zijn mooie klokkentoren een oriëntatiepunt aan de rechter kant en links staat één van Edinburghs vele bankgebouwen. Steek de straat over (nu Waterloo Place) en vervolg uw route lichtelijk heuvelopwaarts tot u bij een trap aan uw linker kant komt.

Bovenaan de trap gaat u rechtdoor over het bestrate pad en negeert u de trap aan de rechterkant, die naar de noordkant van de heuvel slingert voor een prachtig uitzicht over Leith en de havens en over het water richting Fife.  Calton Hill werd aangelegd als één van de eerste openbare recreatiegebieden in de drukbevolkte stad. In 1775 diende de filosoof David Hume een petitie in bij het stadsbestuur om een wandelroute aan te leggen voor de bevolking en het eerste openbare wandelpad was al snel een feit. Toen Hume het jaar daarop overleed, werd hij begraven op de Old Calton begraafplaats op Waterloo Place aan de voet van Calton Hill, die op het laatste deel  van deze route kan worden bezocht. Op Humes graf staat ‘Geboren 1711, Gestorven [—-]’ om het aan het nageslacht over te laten de rest in te vullen. De begraafplaats huisvest ook het Political Martyrs Monument, ter nagedachtenis aan 5 sympathisanten van de Franse Revolutie die in 1793 naar Australië zijn verbannen. Vervolg de Hume Walk tot u bij een kruising komt en ga hier rechtdoor tegen de heuvel op.

Al snel kunt u genieten van geweldige uitzichten over de zuidkant van de stad. De gigantische rotspartij Arthur’s Seat domineert het uitzicht, samen met de daken van het Schotse Parlementsgebouw in de wijk Holyrood en de witte koepel in de vorm van een  gordeldier van Dynamic Earth Science Centre. Calton Hill zelf was een verzamelpunt voor demonstraties van de voorstanders van Schots zelfbestuur, die hier gedurende vele jaren werden gehouden. Het neo-klassieke gebouw met kolommen en koepels onderaan de heuvel is de Royal High School. Het uit 1829 daterende gebouw werd in de aanloop naar het referendum in 1978 voorgedragen als onderkomen voor het nieuwe Schotse parlement. Het referendum werd verloren en het gebouw wordt nu gebruikt door de Edinburgh Council. Het veel grotere Scottish Parliament werd gebouwd in Holyrood.

Ga in westelijke richting heuvelopwaarts over het ruige pad richting het Nelson Monument dat in 1807 is gebouwd en gelijkenis vertoont met Nelson’s telescope. U kunt tegen betaling de spiraalvormige stenen trap beklimmen voor een nog beter uitzicht op het kasteel en de stad. Zelfs vanaf het lager gelegen uitkijkpunt heeft u goed uitzicht over de volle lengte van Princes Street, met op de voorgrond de torenspits van het Waverley Monument. Iets naar het zuidwesten ziet u Edinburgh Castle en de grote rots waarop het is gebouwd. Vanaf dit punt neemt u het pad naar beneden langs de achterkant van het Nelson Monument richting het National Monument.  Men begon in 1826 met de bouw van deze replica van het Parthenon in Athene ter nagedachtenis aan de doden van de Napoleontische Oorlogen. De bouw van het monument is echter nooit voltooid, omdat in 1829 het geld op raakte. Het fungeerde als stijlicoon voor de stad en heeft een groot deel van de recentere architectuur beïnvloed. Werp vanaf hier nog één keer een blik op Princes Street en loop richting het Observatory House over het pad net links van het gebouw, dat naar een goed uitkijkpunt leidt.

Aan de linker kant staan een kanon en het veel gefotografeerde ronde Dugald Steward Monument. Het bouwwerk met de elegante Griekse kolommen is door William Henry Playfair ontworpen ter nagedachtenis aan de Schot Stewart, die vanaf midden 1780 tot aan zijn dood in 1828 filosoof was aan Edinburgh University. Playfair was ook één van de drijvende krachten achter de City Observatory, die in 1822 werd voltooid. Vanaf hier volgt u het pad en de trap naar beneden langs het Dugald Steward Monument terug naar Waterloo Place aan de voet van de heuvel. Sla linksaf en loop over de stoep langs de Royal High School en tegenover het ronde Playfair Monument houdt u links aan langs Regent Terrace. In deze door William Henry Playfair ontworpen elegante straat met grote stadshuizen waren aanvankelijk enkele van de rijkste whisky- en wijnhandelaren van Schotland gevestigd.

Waar de straat het Royal Terrace op buigt, kunt u de grote stadshuizen zien. Deze waren vooral in trek bij kooplieden, die claimden dat ze van daaruit hun schepen konden zien aankomen bij de havens in Leith. Volg de met keien geplaveide straat tot aan de grote kruising met de drukke Leith Walk en ga linksaf de heuvel op. Deze belangrijke en lawaaierige doorgangsweg verbindt de havens in Leith met de stad en staat in schril contrast met de relatieve rust van Calton Hill. Passeer het theater aan uw linker kant en het Vue Omni entertainment centre met buiten zijn gigantische metalen giraffes. Steek de straat over tegenover de ingang van John Lewis en vervolg uw weg heuvelopwaarts richting Princes Street en het beginpunt van de wandeling.

Geplaatst in Bijzondere plekken, Edinburgh, Stadswandelingen in Edinburgh | Tags: , , | Een reactie plaatsen

Het laatste gevecht van de Kelpie uit het boek First Aid for Fairies and Other Fabled Beasts door Lari Don

Bijna ieder loch in Schotland heeft een monster of in ieder geval een verhaal over een monster. Misschien zijn ze bedacht door ouders of grootouders om de kleine kinderen bij het water weg te houden vanwege het gevaar om te verdrinken of misschien zijn er ook echt monsters in de lochs in Schotland, we zullen het nooit zeker weten ………

Het meest bekende monster dat in dit soort waarschuwingsverhalen voorkomt is de Kelpie, een waterpaard dat diep onder water leeft en als het aan wal klimt verandert het in een prachtig paard, waar je zo op weg kunt rijden omdat het ‘rijklaar’  is.  Kleine kinderen, kleuters, pubers, adolescenten en zelfs volwassenen kunnen  de verleiding om in de stijgbeugels te stappen en weg te rijden niet weerstaan en dat loopt natuurlijk nooit goed af.

kelpie1Het moment dat ze op het zadel gaan zitten, kunnen ze er niet meer vanaf en het paard galoppeert rechtstreeks naar het water en loopt er in, dieper, nog dieper en net zo ver tot de berijder onder water komt en verdrinkt.

Maar dit is niet het hele verhaal. Kinderen met wijze ouders en grootouders hebben geluk, want die weten dat  Kelpies  ook een andere vorm aan kunnen nemen.

Vele vele jaren geleden leefde er een boerenfamilie ten noorden van een loch en ze kenden de verhalen over vreemde beesten bij het loch en het verbaasde hen dan ook niet erg toen er een enorm zwart kalf met rode randen om de neusgaten geboren werd, dat zeer opvliegend van aard was . Zij dachten dat de fairy bull(de zwarte stier uit een sprookje)  bij hun koeien geweest was en een van de koeien bezwangerd had.

Maar dit kalf was veel wilder dan de anderen, veel groter en het had een heel ander karakter dan de  andere kalveren. De boer sloot hem op in een omheind stukje land en probeerde hem te temmen. Maar helaas had hij geen succes en het kalf bleef maar groeien en loeien.

Op een dag liep de boerendochter langs het meer. Ze  keek goed om zich heen of ze geen verdachte gezadelde paarden zag, maar maakte zich niet ongerust toen er ineens een mooie jongeling voor haar stond. Hij was heel goed gekleed, lachte charmant en had lang wild blond haar. Hij vroeg of ze misschien een kam voor haar had. Ze gaf hem haar kam en hij ging zitten om alle klitten uit zijn haar te krijgen, Hij worstelde en worstelde, maar het lukte voor geen meter. Het meisje kreeg een beetje medelijden met hem  en bood aan om te proberen of zij de knopen en klitten er wel uit kon krijgen.

Ze vond het wel een beetje gek dat zijn haar vochtig was, terwijl het al dagen niet had geregend en nog gekker dat er waterplanten, takjes en blaadjes in zijn haar zaten. Terwijl ze doorging met kammen, drong ineens tot haar door, dat dit geen jongeman was maar het beest van het loch, dat niet in een paard maar in een man veranderd was.

Het was een slimme meid en ze werkte gewoon door, zong er slaapliedjes bij en ja wel de jongeman viel in slaap. Ze stond heel voorzichtig op en rende weg richting de boerderij. Maar al gauw hoorde ze  het paard dat ontzettend hard  ‘schreeuwde’  dichter bij komen en  ze hoorde geen voetstappen maar paardenhoeven. Ze zou hem nooit voor kunnen blijven omdat het paard veel harder kon rennen.

Ineens schoot door haar hoofd dat ze bij het weiland was waar de ‘fairy bull’  opgesloten zat. Ze schopte het hek open en de woeste stier stormde het weiland uit richting het naderende paard. Het meisje verstopte zich.

De zwarte stier loeide en het witte paard hinnikte en ze beten en schopten elkaar en stonden op hun achterste benen. Omdat ze allebei de sterkste wilden zijn werd het een langdurig gevecht en waren ze zo gefocust dat ze niet merkten dat het meisje voorzichtig wegliep en naar huis rende.

Toen ze veilig op het boerenerf was, keek ze achterom en zag dat de stier en het paard heel dicht bij het water gekomen waren, maar zich daar totaal niet van bewust waren. De hoeven gleden uit over de vochtige steentjes op de oever en ineens vielen ze in het loch en verdwenen onder water.

En dit ‘sprookje’  eindigt niet met “ze leefden nog lang en gelukkig”, maar “geen van beiden werd ooit weer gezien” .

kelpie2

Meer details over het boek First Aid for Fairies and Other Fabled Beasts  vindt u op http://www.laridon.co.uk .

©opyright Lari Don, Scotclans 2008

Geplaatst in Achtergrond verhalen, Legenden en sterke verhalen over Schotland, Schotland | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

King’s Cave Walk op het prachtige eiland Arran

Het verhaal doet de ronde dat King Robert the Bruce hier de beroemde ontmoeting met een spin gehad heeft.

Een mooi verhaal dat ik u niet wil onthouden.

Robert the Bruce verklaarde zichzelf  in 1306 koning van Schotland  maar Edward I, koning van Engeland , die de eigenlijke baas was stuurde een groot leger en versloeg Bruce tijdens de Battle of Methven en verklaarde Bruce tot outlaw ( vogelvrij verklaard).

Bruce zat eenzaam in zijn koude, kale schuilplaats en overwoog of hij misschien toch beter naar Het Heilige Land (Palestina) zou gaan om daar met de dappere soldaten te vechten tegen de vijanden van het christendom in plaats van te blijven vechten voor  de onafhankelijkheid van Schotland dat met zoveel doden gepaard ging.

Ineens zag hij een spin, die verwoede pogingen deed om op een balk een stuk verder op te springen, zodat ze een web kon maken.  Het mislukte steeds en zelfs na 6 pogingen was zij nog geen ‘draadje’  verder.  Bruce  realiseerde zich dat hij zelf 6 x tegen de Engelsen had gevochten en steeds verloren had. “Als de spin de 7e keer het weer niet redt, geef ik ook op en vertrek ik naar Palestina”  “Maar als het lukt om de draad naar de balk te krijgen, doe ik ook nog een poging om Schotland te bevrijden van de Engelsen”

De spin deed nog een enthousiaste poging en jawel ze kwam aan de overkant en kon met het web beginnen. Robert the Bruce sprong op, hernam zich en besloot een leger samen te stellen. Zo gezegd zo gedaan. In de komende 8 jaar was hij continu in gevecht met de Engelsen en uiteindelijk versloeg hij hen in 1314 tijdens de Battle of Bannockburn  en verjoeg hen  uit Schotland.

Deze rondwandeling gaat over een prachtig deel van de kust , waar een aantal grotten ligt. Afstand: 4.5 km. Tijd: 1.5 uur. Stijging: 140 m. Startpunt is de parkeerplaats langs de A841 ong. 3 km. ten noorden van Blackwaterfoot KA27 8DX. Coördinaten: 55.532931, -5.332900.

Je gaat over het pad vanuit de rechterhoek van de parkeerplaats, voorbij het bordje. Je komt langs de plek van een steencirkel  en al vrij snel zijn de bomen verdwenen en heb je prachtig uitzicht op de heuvels en op Kintyre.

Het pad buigt naar links en loopt dan door een rotsachtige kloof naar beneden. Je gaat door een hek en komt op het strand. Volg gewoon het strand. Het pad verdwijnt wel eens, maar dat maakt niet uit.

Na een poosje komen de grotten/holen aan de linkerkant. Een pad leidt naar King’s Cave, die je niet kunt missen met het grote ijzeren hek ervoor. Je kunt gewoon in de grot. Hij schijnt dus door King Robert the Bruce gebruikt te zijn, maar men denkt dat de grotten al eerder gebruikt werden. Gezien de tekens (Ogham tekens en mythologische dieren) lijkt dat wel aannemelijk.

De wandeling gaat verder door vanuit de grot links af te slaan, verder over het strand. Je moet nu weer omhoog en komt bij een bord. Het Arran Coastal Path gaat hier rechtdoor, maar voor deze wandeling ga je links weer richting het bos. Kijk nog even achterom naar het mooie uitzicht op het water, want als je het bos ingaat is het uitzicht verdwenen. Het pad kronkelt door het bos en komt uiteindelijk weer uit op de parkeerplaats.

(Wij vonden het stuk na de King’s Cave niet zo bijzonder en waren bij nader inzien liever via de zelfde weg teruggegaan).

Wij kunnen u ook een wandelvakantie op Arran aanbieden met bagagevervoer en verblijf in heerlijke accommodatieadressen of vanuit een vakantiewoning en u kunt natuurlijk ook gewoon naar de Highlands en daarna  Arran gaan om eerst de Highlands en daarna dit ‘Schotland in het klein’  te verkennen.

Geplaatst in Achtergrond verhalen, Bijzondere plekken, Legenden en sterke verhalen over Schotland, Reizen Schotland, Schotland, Wandelingen in Schotland | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Signal Rock en An Tor wandeling vanuit Glencoe in The Highlands of Scotland

Een van de weinige korte wandelingen in Glencoe. U loopt door het bosgebied in het centrale stuk van de glen (valley) en komt bij Signal Rock, waar volgens de legende het signaal gegeven  werd voor de  vreselijke Glencoe Massacre.

Het Massacre (bloedblad) of Glencoe, 13 februari 1692.

Willem III van Oranje en Mary, de hervormde dochter van de katholieke koning James II, hadden de troon overgenomen van James ll. Hiermee viel de troon uit Stuart’s (Schotse) handen, tot grote ontzetting van de katholieke Highlanders (Jakobieten). Willem eiste dat voor 1 januari 1692 elk clanhoofd trouw aan hem zou zweren, een officiële overgave.

Deels door een misverstand, deels door slechte weersomstandigheden, was het hoofd van de GlenCoe McDonalds vijf dagen te laat met zijn eed van trouw. Willem III besloot een voorbeeld te stellen en maakte listig gebruik van een eeuwenlange vete tussen de McDonalds en de Campbells. Hij gaf de Campbell clan opdracht de McDonalds clan uit te moorden:

“elke McDonald jonger dan 70 moest aan het zwaard geregen worden”.

Tussen de clans gold van oudsher de regel dat zij leden van een andere clan (zelfs een vijandelijke) gastvrij moesten onthalen. Zo gebeurde. De Campbells  deelden tien dagen lang hun voedsel en onderdak met de McDonalds. In de vroege morgen van 13 februari evenwel richtten de Campbells een bloedbad aan. Van de 140 clanleden werden ongeveer 40 mannen, vrouwen en kinderen bruut vermoord. Vele anderen sloegen op de vlucht en stierven van ontbering en kou.

Geen wonder dat de Highlanders in 1702 hard lachten toen ze hoorden dat Willem III om het leven was gekomen na een val zijn paard! 

Start op de parkeerplaats langs de A82 1 km. ten westen van de afslag naar Clachaig Inn. PH49 4HX. Coördinaten: 56.663479, -5.057221. Afstand: 2.5 km. Tijdsduur: 1 – 1.5 uur. Stijging: 91 m.

De wandeling begint vanaf de west kant van de parkeerplaats met een geasfalteerd pad, waar u prachtig uitzicht hebt op de Clachaig Gully (valley/kloof).  Het pad gaat al vrij snel over een brug over de Coe rivier met uitzicht stroomafwaarts waar de rivier door een kleine kloof gaat en  stroomopwaarts met de berg Bidean nam Bian als achtergrond.

Meteen over de brug is er een splitsing en u neemt het linkse pad met de treden. Hier komt u op een tweede splitsing in het bos, neem weer het linker pad, dat met blauw en zwarte tekens aangegeven wordt. Negeer een smal pad links en op een volgende splitsing met een grote boom aan de rechterkant, gaat u links heuvel op, aangegeven met een blauw teken. Hier komt u weer terug nadat u bij Signal Rock geweest bent. Het pad gaat door een hek in de omheining, die herten tegenhoudt en daalt af.

U komt al snel voorbij een splitsing waar een pad rechtsaf gaat met teken: Torren Cottage only. U negeert deze afslag en blijft de treden volgen die naar de voet van Signal Rock leiden. U komt aan de achterkant bij Signal Rock. Dit was de plaats waar de Campbells het teken kregen dat de Glencoe Massacre op het punt stond te beginnen. Toen was er heel goed uitzicht op het dal/valley, maar nu is het helemaal volgegroeid met bomen.

Loop terug naar de splitsing met de boom en sla links een kleiner pad op. Voordat u bij het hek komt dat voor u ligt slaat u rechts af op een goed onderhouden pad. Nadat u over planken een paar stroompjes hebt overgestoken, gaat u al zigzaggend omhoog naar de top van de heuvel. Dit is An Torr, en u hebt prachtig uitzicht als u een kort paadje rechts neemt waarmee u op de top komt, waar een uitstekend stuk rots  is met vrij uitzicht.

Blijf het pad volgen als het weer terugkronkelt heuvel af. Als het aansluit bij een ander pad, slaat u links af en gaat door een omheining, die herten tegenhoudt. (als het hoofdhek gesloten is, is er een klein hekje rechts), waarna u op het stille weggetje naar Glencoe komt. Aan de overkant ziet u het westelijke deel van Aonach Eagach. Het geërodeerde pad dat u ziet, is alleen voor zeer geoefende klauteraars.

Sla de stille weg rechts op, loop langs de Clachaig Inn ( heel sfeervol ding om iets te eten of te drinken). Meteen na het rode sneeuwhek voorbij Claichaig Innt slaat u rechts af een goed pad in. Dit brengt u weer naar de brug over de Coe en de parkeerplaats ietsjes verder.

 

Geplaatst in Activiteiten in Schotland, Bijzondere plekken, Reizen Schotland, Schotland, Wandelingen in Schotland | Tags: , | Een reactie plaatsen

Een wandeling in een bijzonder mooi stukje Edinburgh: The Dean Village Stockport Walk

Deze rondwandeling vanuit Stockbridge leidt langs schitterende architectuur uit de tijd van de koningen met de namen George ( 1714 – 1838) en komt dan uit bij de Scottish National Galleries of Modern Art. (alleen het landschap voor 1 van de 2 gebouwen is al meer dan de moeite waard). Gratis toegang voor de standaard collectie.  U loopt langs  Water of Leith terug en komt door het schattige dorpje Dean Village, een van de sprookjesachtige stukjes Edinburgh met heel verschillende maar allemaal mooi gebouwen/gebouwtjes aan de rivier

Lengte van de langere versie vanuit centrum Edinburgh is ong 7.5. km. Gaat u met bus 24, 29 of 42 naar Stockbridge dan is de lengte ong. 4.5 km.

Het kaartje is die van de kortere wandeling, die start in Stockbridge

 

De langere wandeling begint bij Waverley Railway Station, maar u zou hem kunnen bekorten door bus 24, 29 of 42 te nemen naar en van Stockbridge. De kortere wandeling is dan 4.5 km. en begint bij de brug in het dorp Stockbridge, waar nu een pizzaexpress aan de ene kant en een Café Nero (Glanville Place) aan de andere kant zit.

De langere wandeling

Steek over en dan links Princes Street op. Dit is één van de mooiste stukjes van Edinburgh met rechts de New Town. Langs het monument voor Sir Walter Scott en langs de Royal Scottish Academy. Dan rechts af Frederick Street in.

Steeds rechtdoor, voorbij de rotonde met William Pitt naar Queen Street Gardens en ook daar door heen. Onderaan de heuvel ziet u St. Stephen’s Church maar voor u daar bent slaat u links af Circus Place in. Volg de bocht naar rechts op het Royal Circus om het drukke verkeer te vermijden en geniet van de prachtige Georgian huizen. Helemaal aan de overkant slaat u rechts af en komt weer op Northwest Circus Place. U loopt gewoon door en komt dan bij de brug in Stockbridge. U ziet hier de Pizza Express in het gebouw met kerktoren en klok.

Hier begint de kortere wandeling
U gaat de brug over en links af Dean Terrace in en langs de rivier.
De straat gaat naar rechts en wordt Anne Street, een rustig straatje met veel groen en zeer in trek! Volg de straat als het naar links afbuigt en u komt in Dean Park Crescent, die u links op gaat.

Loop door tot de drukke Queensferry Road A90 .Steek hier voorzichtig over en sla rechts af de stillere Buckingham Terrace op parallel aan de hoofdweg. Voor u aan het eind van The Terrace bent, ziet u in de verte aan de rechter kan het magnifieke Fettes College liggen: één van de meest exclusieve Public Schools in Schotland waar o.a. Tony Blair gestudeerd heeft.

U komt weer op Queensferry Road, die u links op gaat en dan de eerste afslag links het Dean path op. U loopt door tot de ingang van Dean Cemetry rechts. U gaat het kerkhof op en loopt er rechtdoor overheen. Er zijn prachtige grafstenen. Aan het eind links houden en door een opening in de muur naast een opvallend piramidevormig graf.

Sla meteen links af en loop langs de stenen muur tot u bij de ingang komt van The Scottish Gallery of Modern Art, gebouw 2. U gaat rechts af langs de ingang. Toegang is gratis en er is ook een goed café voor koffie/thee.

 

 

 

 

 

 

 

 

Aan de overkant van de hoofdweg is het andere gebouw van The Scottish Gallery of Modern Art  met schilderijen en beelden en de prachtige landschapstuin met boogvormige waterpartijen. Ga voorbij de voorkant van het museum en sla links af de parkeerplaats op. Aan het eind in de linkerhoek gaat u door ijzeren hekjes en komt op een voetpad dat langs een beeld van Henry Moore gaat. Een lange trap leidt u naar beneden naar Water of Leith. Ga over de voetbrug en ga aan de overkant links af.

U volgt nu gewoon  Water of Leith terug naar Stockbridge. Langs een waterkering en verder stroomafwaarts tot u bij een ijzeren voetbrug komt, die u oversteekt naar de noord oever. Ga onder een brug door en negeer de volgende ijzeren voetbrug. U komt weer langs een waterkering en onder een ijzeren voetbrug door. Sla hier links af en klim omhoog en ga over dit bruggetje. U bent nu op een prachtige plek aan  Water of Leith met aan de noordkant het rode Well Court van rode baksteen, dat gebouwd is door de eigenaar van de krant de Scotsman voor zijn arbeiders. Hij wilde dat zijn arbeiders in goede omstandigheden woonden, maar er waren wel hele strenge regels en ze werden er zonder pardon uitgegooid als ze zich niet volgens de regels gedroegen. Aan het begin van de 21e eeuw is het helemaal in oude staat hersteld.
Volg het klinkerpad dat omhoog loopt langs pittoreske huisjes deels van hout. Dit is Dean Village.  In dit dorpje stonden in de 18e eeuw meer dan 10 molens en hete was er dan ook een bedrijvige toestand. Halverwege de vorige eeuw liep het dorpje als het ware leeg, toen de molens niet meer werkten, maar zoals het altijd gaat, na regen komt zonneschijn en het lieflijke dorpje aan het water met het vele groen werd later weer heel populair en nu is het een van de meest geliefde plekken om te wonen als je bijv. in Ednburgh werkt.

Hawthorne Bank Lane leidt langs mooie oude huizen. Volg het bordje met St. Bernard’s Well als u boven bent. Het pad gaat nu onder grote bogen door van de Telford Dean Bridge, die in 1832 gebouwd is. U komt al snel bij St. Bernard’s Well met een tempel in Romeinse stijl. Het water had volgens overlevering helende kracht maar onderzoek heeft aangetoond dat het zelfs ongeschikt is als drinkwater. Verder op gaat u onder de brug door Saunders Street op. Aan de overkant van de rivier komt u weer op Dean Terrace met prachtige Georgian straten. Loop door tot u weer op het startpunt in  Stockbridge bent. Pak hier de bus of loop de zelfde weg terug als u gekomen bent. Klik op Greyfriar’s Bobbie voor een andere mooie plek in Edinburgh en klik op Burke and Hare, voor een verhaal over lijkenpikkers in Edinburgh.

Geplaatst in Bijzondere plekken, Edinburgh, Reis nieuws, Reizen Schotland, Schotland, Stadswandelingen in Edinburgh, Uncategorized | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Het tranentrekkende verhaal over Greyfriar’s Bobby in Edinburgh

Op een oud fonteintje vlakbij de poort naar de Greyfriars Kirk staat het beeldje van de Skye terriër die 14 jaar lang bij het graf van zijn overleden baas John Gray zat. De hond werd verzorgd door de burgers van de stad en hij werd ook ingeschreven als inwoner van de stad om te voorkomen dat hij als zwerfhond zou eindigen. Op 1 oktober 2013 is er een restoratiespecialist ingehuurd om het beeldje schoon te maken en opnieuw in de was te zetten en er een patina laag op aan te brengen, omdat vooral zijn neus ontzettend afgesleten was, doordat iedereen hem daar aait.

Op het kerkhof van Greyfriars Kirk vindt u de grafsteen van Bobby en van zijn baasje John Gray. Het is echt een prachtig kerkhof met de grafstenen/monumenten aan de rand gewoon tegen de huizen aangebouwd.

Het verhaal van Bobby en zijn baasje luidt als volgt: In 1850 kwam een herder John Gray naar Edinburgh. Hij ruilde zijn herdersstaf in voor een gummiknuppel en ging als politieman (Bobby genoemd) werken. Edinburgh was in die tijd niet een plaats voor bangeriken, maar Gray en zijn hond Bobby patrouilleerden onverschrokken. Ze vonden onderdak in Cowgate, een smal steegje vlak bij de grote brug, dat zijn naam te danken had aan het feit dat het uitkwam bij de stadsmuren, waar buiten de weilanden waren waarop de koeien stonden. Het was een hele slechte buurt. Er werd op Grassmarket veel gehandeld in o.a. lijken en ze hielden er ’s nachts toezicht. Als de dienst er op zat bezochten ze een eetgelegenheid vlak bij de Greyfriars Church, waar ze graag geziene gasten waren, vooral Bobby was favoriet bij de kinderen. Omdat de sanitaire voorzieningen heel slecht waren, was het sterftecijfer in die buurt heel hoog en ook John Gray stierf aan TBC in 1858.

Foto: Grassmarket Mission

Bobby liep vooraan in de begrafenisstoet  n aar het kerkhof en ontsnapte ’s nachts uit het kosthuis en vond de weg terug naar het graf van zijn baasje.  De volgende morgen werd hij ontdekt en van het kerkhof gejaagd, maar keer op keer vond hij een andere manier om toch weer bij het graf te komen, zodat de kerkvaders het opgaven en hem daar de wacht lieten houden. Na een poos was hij heel beroemd en bezoekers kwamen hem altijd wat eten brengen en zelfs de voormalige collega’s van de politie kwamen regelmatig langs als ze hun ronde deden.

 

Foto van Edinburgh’s Museums and Galleries

Als u om 1 uur ’s middags het kanonschot wel eens gehoord hebt, zult u weten dat veel mensen van het geluid schrikken, maar voor Bobby was het het signaal dat zijn nieuwe vriend William Dow, een kastenmaker, er aan kwam om hem mee te nemen naar  ‘ John Traill’s Temperance  Coffee House’   om wat te eten.  Bobby kreeg altijd een pie.  Hier gingen Gray en Bobby ook vaak naar toe om te lunchen. Dit is nu Greyfriar Bobby’s Bar naast de ingang naar het kerkhof.

Dit ging een aantal jaren zo door, tot een onaardige inwoner van Edinburgh bij de autoriteiten meldde dat het zo toch echt niet kon en dat Bobby geen penning had en ook geen eigenaar en hij werd daarop gearresteerd, wat een opstand veroorzaakte onder de bevolking van die buurt. Er werd uiteindelijk geld opgehaald zodat er een penning voor hem gekocht kon worden, die hem met veel ceremonieel vertoon omgehangen werd door de burgemeester van Edinburgh (Lord Provost)  Chambers.  De penning hing aan een koperen halsband en had de inscriptie: ‘Greyfriars Bobby, from the Lord Provost 1867 Licensed’ .  Bobby’s halsband is tentoongesteld in het Museum of Edinburgh. Bobby bleef tot zijn dood in 1872 bij het graf zitten van zijn voormalige baasje.

Men zegt dat hij stiekem begraven is in een rustig hoekje van Greyfriars kerkhof op ong. 75 m. afstand van het graf van zijn baasje John Gray.

Barones Burdett-Coutts was bang dat Bobby in de vergetelheid zou raken en liet een bronzen Bobby maken door de beroemde beeldhouwer William Brodie. Het staat op een  fonteintje van graniet op de hoek van George IV Bridge en Candlemaker Row tegenover de ingang van Greyfriars Kirk.

Nog later werd er een steen gezet bij de ingang met de volgende tekst:
Greyfriars Bobby.
Gestorven 14 januari 1872, 16 jaar oud.
Laat zijn Loyaliteit en Toewijding een les zijn voor ons allemaal.

In 1961 maakte Walt Disney de film ‘Greyfriars Bobby’ , die gebaseerd was op het kinderboek met de zelfde naam van Eleanor Atkinson.

Kijk voor nog een andere bijzondere verhaal over Edinburgh  op: Burke & Hare, de lijkenpikkers van Edinburgh

Geplaatst in Achtergrond verhalen, Bijzondere plekken, Legenden en sterke verhalen over Schotland, Reis nieuws, Schotland, Tips | Tags: , , , , , | 1 reactie

Een gruwelijk verhaal over Burke & Hare: de lijkenpikkers uit Edinburgh

In het begin van de 19e uw was de universiteit van Edinburgh het centrum voor de  opleiding medicijnen en enorm veel studenten trokken naar de hoofdstad om zich als arts te bekwamen. Zij hadden voor de anatomie lessen natuurlijk lijken nodig en tot 1832 waren die niet legaal verkrijgbaar en moest er een oplossing gevonden worden.

En zoals dat nu eenmaal gaat, ( bedenk maar eens wat er een positieve en creatieve oplossingen gevonden worden tijdens de Corona tijd nu) waren er naast eerlijke inwoners van de stad ook  gewetenloze lieden die daar wel iets op wisten. Zij haalden de lijken uit de graven en verkochten die vervolgens aan de medische faculteiten  voor aardig wat geld. Misschien komt de uitdrukking: ‘De een zijn dood is de ander zijn brood’  hier wel vandaan? Het gevolg was dat er op iedere hoek van de kerkhoven wachttorens kwamen, waaruit bewakers het kerkhof in de gaten moesten houden.

Foto’s : TravellingWELL.nl

Ook aan het begin van de 19e eeuw verlieten heel veel bewoners van Ierland hun land op zoek naar een beter bestaan. William Burke en William Hare bevonden zich tussen die vluchtelingen en zij vonden, zonder dat zij elkaar kenden,  een baan bij het bedrijf dat het Union Canal tussen Edinburgh en Glasgow aanlegde. Later vonden  zij woonruimte in wat nu de oude stad heet, het gebied rond Grassmarket en Cowgate, waar de  woningen en daarmee de pensions  het goedkoopst waren.

William Hare kwam uit Ulster en moest zeer waarschijnlijk het land ontvluchten omdat hij vervolgd zou worden nadat hij het paard van zijn baas had gedood. Hij werkte aan het Union Canal en trok later naar Edinburgh en verbleef in Logue’s Lodging House. Logue stierf  heel snel nadat Hare er was komen wonen (verdacht??) en Hare trouwde met zijn vrouw Margaret Laird en zij verdienden hun geld met het Lodging House waar dakloze stumpers woonden.

William Burke kwam ook uit Ulster. Hij verliet zijn vrouw en kinderen en werkte ook aan het Union Canal. Hij ontmoette er Helen McDougall en zij trokken naar Edinburgh en huurden als getrouwd stel een kamer in het Lodging House van Burke en Margaret Laird.  Dit echtpaar had een slechte reputatie evenals de meeste inwoners van die buurt: criminelen, hoeren en anderen van laag allooi. Ze konden het  echter met zijn 4en  heel goed met elkaar vinden en werden vrienden of eigenlijk drinkmaatjes ( netjes uitgedrukt).
Foto : https://www.historic-uk.com/

In 1827 overleed een al wat oudere huurder, die Hare nog ruim £4.00 huur schuldig was. Burke hoorde Hare vloeken en had ineens een lumineus idee. Zij  haalden zijn lichaam uit zijn doodskist en vulde die vervolgens  met boomschors en reden het lichaam ’s nachts in een kruiwagen naar Surgeon’s Square, waar professor Knox hen £7.00 en 10 shilling betaalde voor het lijk en niet vroeg hoe ze aan hem kwamen. Ze vonden het een goede opbrengst voor slechts 1 nacht werk en een nieuwe broodwinning was ontstaan……Er was echter één nadeel: Ze moesten altijd wachten tot er weer een lijk was!

Gelukkig kwam er al gauw een nieuw slachtoffer en wel Joseph Miller, die al behoorlijk ziek was. Waarom zouden ze hem niet een handje helpen? Ze voerden hem een slechte kwaliteit whisky en de man stikte.
Foto: http://www.ourtownstories.co.uk/

Gretig zochten ze naar andere slachtoffers en jawel een zekere Abigail Simpson werd het huis binnen geleid en ook zij werd vakkundig koud gemaakt, zonder dat er sporen achterbleven op het lichaam. Zij brachten haar naar de professor voor ze goed en wel koud was en kregen £15.00 omdat ze nog zo vers was.

Deze praktijken gingen een aantal jaren zo door tot ze bijna  tegen de lamp liepen toen ze een prostituee vermoordden. Ze werd nl. herkend op de snijtafel door een aantal studenten, die haar intiem kenden, maar die wisten niet wie haar gebracht en verkocht hadden.

Foto: http://www.ourtownstories.co.uk/

Gelukkig liepen ze uiteindelijk toch tegen de lamp, toen een andere huurder haar kous zocht en een lijk onder haar bed vond. De heren werden opgepakt, maar Hare getuigde tegen Burke en alleen Burke werd veroordeeld. Hij werd opgehangen en daarna werd zijn lichaam naar de snijtafel gebracht, zodat hij hetzelfde lot onderging als zijn slachtoffers.  Zijn skelet kun je nog steeds bewonderen in het universitaire anatomische museum in Edinburgh.  De inwoners van Edinburgh waren enerzijds ontzettend  opgelucht, dat de moordenaar nu gepakt was, maar ook ontzettend kwaad en ze dreigden met een opstand als ze geen toestemming kregen om zijn dode lichaam te zien liggen op de snijtafel. De toestemming werd toen noodgedwongen gegeven en er stroomden meer dan 20.00 nieuwsgierigen langs de snijtafel.

Hare vluchtte na zijn vrijlating naar Engeland. Van hem werd nooit meer iets vernomen….. De dokter, die hun lijken kocht zonder te onderzoeken waar die lijken vandaan kwamen,  kreeg later berouw, waarop hij van de lijken, die hij gekocht had, kleine houten beeldjes maakte  en die in kleine doosjes begroef aan de kust. Het bleken er 17 te zijn, dus men neemt aan dat het duo 17 lijken door heeft verkocht aan hem.

Dit was een bekend kinderliedje in die tijd:

Up the close and down the stair,

In the house with Burke and Hare.

Burke’s the butcher, Hare’s the thief

Knox, the man who buys the beef.

 


Foto: TravellingWELL.nl

Er is een nu een  pole dance / lapdance bar naar het illustere duo genoemd: Burke and Hare Pub 2 High Riggs West Port.

 

 

Geplaatst in Achtergrond verhalen, Bijzondere plekken, Legenden en sterke verhalen over Schotland, Reizen Schotland, Schotland, Tips | Tags: , , , | 2 reacties

Ontspannen op het schiereiland Cowal in B&B en dan een hele kleinschalige cruise

Kunt u zich wel voorstellen, dat er met alle stress van nu, in de komende maanden of misschien volgend voorjaar toch iets heerlijks  op u ligt te wachten?

Als we eind september weer op reis zouden kunnen gaan, spreekt deze gevarieerde reis  u misschien wel heel erg aan. En kan het niet in september, dan doet u het toch gewoon volgend jaar?
U begint met een paar dagen ( 4 nachten)  heerlijk ontspannen in een kleine B&B op het platteland op het schiereiland Cowal in west Argyll . Het is er buitengewoon rustig, het landschap is schitterend, je kunt er ritjes maken in de auto, op de fiets of wandelen, er zijn ruïnes van kastelen en kerkjes, musea, zwembaden met Spa faciliteiten, rondvaarten en er is een prachtige botanische tuin.

 

Vervolgens rijdt u richting de hoofdstad (wij zouden het een dorpje noemen) Dunoon, waar uw cruiseschip The Splendour  klaar ligt. Het is een verbouwde  houten vissersboot van 20 meter lang, die uiterst comfortabel en zeer zeewaardig is. Er zijn 5 hutten met eigen badkamer en u maakt uw 3 daagse cruise met max. 8 deelnemers, dus het is allemaal heel kleinschalig.

Heerlijk aan dek zitten of binnen als het wat frisser is, iedere dag een lekker ontbijt, lunch en diner, een schipper die ontzettend veel weet van het gebied en de flora en fauna en u gaat regelmatig met het kleine hulpbootje naar het vaste land om een bezoek aan een bezienswaardigheid te brengen of een wandeling te maken, als u dat zou willen.

 

En alsof het nog niet genoeg is, verblijft u de laatste 2 nachten in 1 van de mooiste B&B’s die ik gebruik in het stadje Maybole, een uurtje rijden ten zuiden van Glasgow.

Als u weer aankomt in IJmuiden, zult u zich herboren voelen!!

Klik op: Rondreis en Cruise om het hele programma te zien. Dit jaar kunt u nog vertrekken met de veerboot op 24 september en in 2021 zijn er vanaf april t/m oktober iedere maand mogelijkheden om deze reis te maken.

Geplaatst in Reis nieuws, Reizen Schotland, Rondreis en kleinschalige cruise in west Schotland, Schotland, Schotland cruises | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

Ballindalloch Castle & Gardens en de Distillery in Speyside

 

 

@Ballindalloch Castle

Ballindalloch Castle, gelegen op de oevers van de River Avon, dichtbij de River Spey, is al sinds 1546, toen het gebouwd werd, in bezit van de Macpherson-Grant familie. He landgoed werd al in 1457 door koning James IV aan John Grant of Freuchie geschonken.
Het allereerste kasteel was zowel een fort als woonhuis en had een Z vorm. Het stenen woongedeelte van 3 verdiepingen werd in het noorden en zuiden beschermd door een hoge

@TravellingWELL.nl

ronde toren en de Spey en Avon vormden een natuurlijke  met water gevulde geul van het noorden naar het westen. Bij de ingang stond een apparaat waarmee stenen en afval naar beneden gekieperd konden worden als er onwelkome gasten aankwamen.
Men begrijpt eigenlijk niet waarom het kasteel niet op het iets hogere deel in het oosten gebouwd is, maar er is wel een legende, die ‘uitleg’ geeft. Tijdens de bouw verdwenen alle stenen en de fundering iedere nacht. Toen de toenmalige John Grant ’s nachts de wacht ging houden, werd hij met zijn mannen compleet weggeblazen door een enorme wind en een stem vertelde hem dat hij het  kasteel op de lage grond bij het water moest bouwen. En zo geschiedde……

@TravellingWELL.nl

In de 17e eeuw tijdens de Civil Wars, steunden de Clan Grant de Covenanters, die het parlement steunden tegen Charles I. De Royalists  ( die Charles I steunden)  vielen het kasteel aan, staken alles in brand en de Grants moesten vluchten. Binnen het jaar werden de Royalists al weer verslagen en kon de herbouw beginnen.

In de 18e eeuw werd de vleugel met 2 verdiepingen aan de zuidkant en de vleugel aan de noordkant ( voor de Franse meesterkok) gebouwd en hier kwam ook de Rose Garden.

De tweede aanval op het kasteel en het terrein kwam in augustus 1829 en deze keer niet door de mens maar door natuurgeweld. Tijdens een enorme storm overstroomden de rivieren, en alles wat het water tegenkwam werd vernield. De kelders liepen vol, de tuin was bedekt met ruim een meter zand en modder en er was een enorme scheur in de grond tussen het kasteel en de rivier.
Er moest een nieuw kasteel gebouwd werden en de werkzaamheden vonden plaats tussen 1848 en 1853. Het resultaat was een mooi, licht kasteel in de Schotse Baronial Stijl, maar gelukkig bleef de oorspronkelijke architectuur ook bewaard.

In de jaren 60 van de 20e eeuw werden er badkamers aangelegd en werden er Victoriaanse toevoegingen, die geen dienst meer deden, verwijderd. Een vleugel in het noordoosten werd afgebroken omdat het hout volledig verrot was. En in de jaren 90 werden de vertrekken, die door het publiek bezocht kunnen worden, gemoderniseerd en met hedendaagse design meubelen ingericht.

Boven de ingang tot het kasteel vindt u het Macpherson-Grant wapen met de inscriptie: Ye Lord shall preserve thy going out and thy coming in. Met aan de ene kant het jaartal 1546 en de andere kant 1850 en op deze manier wordt duidelijk gemaakt dat in dit kasteel de middeleeuwen met de overblijfselen van de versterkingen en de Victoriaanse tijd waarin de gentrificatie belangrijk is, allebei een belangrijke rol spelen.
Het resultaat is een kasteel, zoals kinderen zich een kasteel voorstellen: dikke muren, torens,  trappen, kelders, prachtige zalen etc.

Een korte rondleiding: het zakelijke gedeelte staat hieronder, maar het is denk ik ook aardig om te weten, dat de familie nog in een stuk woont, waar je als bezoeker niet komt, maar in de late herfst en winter als het kasteel gesloten is voor bezoekers, woont de familie in het hele kasteel. Een van de personeelsleden vertelde ons dat hij dan regelmatig een belletje of briefje krijgt of hij een bepaalde kamer klaar wil maken omdat er vrienden komen voor een drankje of i.d. Er staan en hangen ook best veel foto’s, wat het heel  intiem  maakt en waardoor het een ‘levend’  kasteel is.

@Ballindalloch Castle

De grootste en ook de indrukwekkendste kamer is de Dining Room. U komt via een brede trap vanuit de hal binnen in de oorspronkelijke Great Hall, het kloppende hart van het 16e eeuwse fort, waar  vele voetstappen van de clan chiefs en afgezanten van de koning op de stenen vloeren liggen. De originele enorme haard met het wapenschild van de Macpherson en de Grants neemt een centrale plek in.

In de hal bij de ingang vindt u een flinke collectie wapens bestaand uit degens, dolken, pistolen uit verschillende eeuwen en een collectie porselein.

@Ballindalloch Castle

In de noordwest vleugel is de Drawing Room, die tegelijkertijd met de zuidvleugel is gebouwd in 1770,  komt het meeste meubilair ook uit die tijd en een pronkstuk is de ovalen Sheraton tafel en een prachtige vergulde spiegel. Ernaast is de Laird’s Smoking Room, wat je nu de ‘mancave’ zou noemen. Lekker roken en genieten van een borrel terwijl je zaken maar ook privé gebeurtenissen bespreekt.
Lady Macpherson-Grant’s Bedroom is daar ook, maar die is ingericht met meubelen uit latere tijden. U kunt er rustig zonder kloppen naar binnen, want Lady Macpherson-Grant heeft nu een andere slaapkamer.

@Ballindalloch Castle

In de bibliotheek, die ook in 1770 gerestaureerd is staan de ong. 2500 boeken uit de 18 en 19 eeuw.

Waar de twee vleugels samenkomen is een toren, waarin nu de kinderkamer gemaakt is.  Je krijgt er een mooi beeld hoe kinderen opgroeiden.  Er staat een antieke kinderstoel, er is een verzameling antieke beren en het poppenhuis is veel nieuwer, maar helemaal gemaakt door de vader van de huidige laird voor zijn dochter Lucy. Eigenlijk hoorde deze toren bij het stuk dat door het personeel gebruikt werd.

Als je de smalle trap opgaat kom je in de bovenste kamer van de toren, vroeger de kamer voor de bewaker en later hoorde het gewoon bij het stuk van het personeel. Heel simpel,
geen enkele luxe en het wordt je meteen duidelijk dat er een groot verschil was tussen hun leven en dat van de laird en zijn gezin.

Onder de stenen vloeren van het stuk uit de 16e eeuw, ligt de kerker. Waar vroeger de vijanden opgeborgen werden, wordt nu al 3 eeuwen lang de wijn bewaard. Het was de favoriete plek van General James Grant en men zegt dat zijn geest ’s nachts door de gangen dwaalt op zoek naar zijn geliefde kelder, die hij maar niet kan vinden.  James is een beetje een vreemde eend in de vijver van deze familie: hij vocht in Amerika tijdens de onafhankelijkheidsoorlogen, werd beheerder van Stirling Castle en woonde nauwelijks op zijn eigen kasteel.

Zijn neef George Grant kreeg de titel: Sir George Macpherson-Grant of Ballindalloch’ en  zorgde er voor dat de namen van de twee oudste clans in Speyside Grant and Macpherson verbonden werden.  Het duurde tot 1978 dat er een vrouw eigenaar van Ballindalloch  werd. Dit was  Claire, de moeder van de huidige eigenaar Guy, die er nu samen met zijn vrouw Victoria voor zorgt dat het kasteel, landgoed en de distilleerderij goed beheerd worden en meegaan in de moderne tijd.

De tuinen zijn de lust en het leven van Claire, de moeder van de huidige bewoner. Samen met de hovenier heeft zij er voor gezorgd dat het beste resultaat bereikt wordt met niet zulke beste grond en een grillig klimaat.
De formele tuin werd aangelegd na de verbouwing in de tweede helft van de 19e eeuw. Je komt binnen bij de duiventil en ziet al snel dat er eigenlijk 3 tuinen zijn, die je kunt

@Ballindalloch Castle

verkennen. Een groot grasveld met  daarachter de rotstuin, waar vandaan je prachtig uitzicht op het kasteel hebt. Daarnaast de Courtyard Garden, die aan 3 kanten door het kasteel omringd wordt. Het is een klassieke, romantische tuin. Ten noorden van het kasteel ga je door een boog via een laan omzoomd met bomen naar de schitterende Walled Garden, die in 1996 helemaal gerestaureerd is ter gelegenheid van het 450 jarig bestaan van het kasteel.

Op het landgoed, waar in het hoogseizoen 35 personeelsleden werken, loopt de prachtige  gitzware kudde Aberdeen Angus koeien, die geen hoorns hebben . Ze stammen nog steeds af van de eerste kudde in 1860 en dit is dan ook de oudste bloedlijn Aberdeen Angus koeien ter wereld.

@Ballindalloch Castle

Voor de Biggles fans: Captain W.E. Johns schreef een flink aantal van zijn Biggles verhalen hier op Ballindalloch. In september 1944 werd hij huurder van Pitchroy Lodge op het landgoed van Ballindalloch. Hij had een ongelukkig huwelijk, zijn vrouw wilde niet scheiden, en hij trok zich met zijn nieuwe vriendin zo veel mogelijk terug op deze plek waar nauwelijks iemand wist waar het was.

@Pinterest

The Black Watch ontstond in dit gebied toen de toenmalige 9th Laird of Ballindalloch een onafhankelijke organisatie in het leven riep om het gebied te beschermen. Om hun regiment meer op te laten vallen kregen zij de rode jassen, die de Britse soldaten ook droegen en daarbij de nu beroemde donker groen, blauw en zwarte tartan. Deze dracht gecombineerd met hun taak van ‘watching over’  de Highlands, zorgde er voor dat de naam Black Watch in het leven geroepen werd en bleef.  Zij steunden de koning en hebben in de nadagen van Culloden een minder fraaie rol gespeeld, toen ze iedereen die maar iets met the Jacobites te maken zou hebben, gedood of in een iets gunstiger geval verdreven werd.

@TravellingWELLl.nl

Iets geks: Je hoort nooit iets over de toiletten van een bezienswaardigheid,maar hier wel. Ze zien er prachtig uit en de cartoons zijn ook heel grappig. Het is dan ook niet verwonderlijk dat ze in 2015  de prijs kregen in de  ‘Best Loos’ category of the 2015 Hudson’s Heritage Awards.  Ook als je niet naar het toilet hoeft is het leuk om even te kijken.

Er is een mooie speeltuin voor de jongere kinderen en een baan waar geracet kan worden  in trapauto’s en er zijn lama’s en ezels.

Openingstijden: van 10 april  tot 30 september van zondag t/m vrijdag van 10.00 – 17.00 (laatste toegang om 16.00). Entree: kasteel + tuin: volw. £12.00, 60+ £10.00, kinderen van 6 t/m 16 £6.00 en gezin t/m 3 kinderen £28.00. Alleen de tuin:  volw. £6.00, 60+ £6.00, kinderen van 6 t//m 16 £3.00 en gezin t/m 3 kinderen £14.00

Er is ook een Tearoom en winkel.

@BallindallochDistillery

Ballindalloch Estate Malt Distillery is de eerste Single Malt Distillery in Schotland en hij is in 2014 geopend. Niet dat de familie geen ervaring  had (the Macpherson-Grant family  had heel lang geleden al een distilleerderij).  Alles in de distilleerderij wordt met de hand gedaan. De chauffeur mag mee op de rondleiding, maar krijgt geen drank en hoeft ook niet te betalen.

Een bezoek moet aangevraagd en er zijn verschillende mogelijkheden:

De ‘gewone’ tour: van ma t/m vrij kun je een tour boeken, die ong. 2.5 uur duurt en waar max. 8 mensen meekunnen. De tour begint met koffie en een inleiding over Ballindalloch Estate, dan naar de distilleerderij, waar 3 personen alles doen en alle kennis hebben. Dan via de Filling Store naar het kleine Warehouse waar de tour afgesloten wordt omringd door de eerste vaten die gevuld zijn en die nog moeten rijpen voor het als whisky beschouwd mag worden. Prijs: £35.00

Ballindalloch Spirit: dit bezoek duurt 3.5 – 4 uur en er wordt niets afgeraffeld. Er mogen max. 6 mensen mee. Naast de dingen van de gewone tour, kunt u ook spreken met het team over wat ze gedaan hebben en doen. Later wordt de New Make Spirit geproefd en kunt u een vat vullen. De tour wordt afgesloten met een dram in de Club Room. Prijs: £75.00.

The Art of Whisky Making: een hele dag van 8.00 – 16.00. Dit is niet een  rondleiding of proeverij, maar een dag op  traditionele wijze  werken naast het team. Het hele proces wordt doorlopen van malen naar vaten in het Warehouse brengen.  De lunch is inclusief. En om u een zo goed mogelijk beeld te geven kunnen slechts 2 personen meedoen. Prijs: £175.00.

Ik kan natuurlijk zelf  over de distilleerderij schrijven, maar whisky liefhebber pur sang Aelith Savage, een blogger uit America met ontzettend veel volgers en gek op Schotland, heeft er al een schitterend verslag over geschreven. U vindt het hier.

Wij kunnen een prachtige reis op eigen gelegenheid voor u samenstellen, waarin u heel veel mooie plekken kunt bezoeken, naar het strand kunt gaan, kunt wandelen of fietsen en heerlijk ontspannen. Neem contact met ons op en we bespreken uw wensen.

@TravellingWELL.nl

 

Geplaatst in Achtergrond verhalen, Activiteiten in Schotland, Bijzondere plekken, Reisverslagen Schotland, Reizen Schotland, Schotland, Tips | Tags: , , | Een reactie plaatsen